Oude! Weblog van Henk Medema

december 16, 2012

MS2.0

Filed under: Uncategorized — Tags: — henkmedema @ 1:59 pm

Dit is geen boekbeoordeling. Het is wél een boekbeschouwing. Het boek van Monique Samuel, ‘Dagboek van een zoekend christen’, is een diepere overdenking zeker waard.
Eerst een gebeurtenis die me een half jaar geleden ter ore kwam: een jongen die als homo uit de kast was gekomen, leerling van een christelijke school. Dat was, begreep ik, op een goede manier besproken. Niet zo heel veel later vertelde deze jongeman op een moment in de groep dat hij met z’n vriend was gaan samenwonen. Spontaan applaus. Let wel, nog eens: dit was een christelijke opleiding. Wat geeft dit voor gevoel, als je dit hoort? Word je er boos van? Ben je er blij mee? Maakt het je verlegen? Was dat applaus goed? En zo nee, wat hadden die studenten dán moeten doen? Of als je er als docent bij was geweest, wat had je dan kunnen of moeten zeggen? Het leven kan je soms voor moeilijker opgaven stellen dan de slimste examinator zou kunnen bedenken. Wie weet hier een antwoord op?
Dit illustreert onze verlegenheid met het post-moderne denken, óók die van mij. Vijftien jaar geleden – veel te vroeg dus – publiceerde ik een boek over dit onderwerp, onder de titel ‘Water, wijn en waarheid’. Wat ik daarin wilde opperen over een christelijk denken in een postmoderne tijd is dit: niet alleen maar een beetje water bij de wijn doen, zodat we wat vrijer kunnen denken en spreken over waarheid. Maar veel radicaler: een doorbreken van de kaders van een gesystematiseerd wereldbeeld. Dat zou een wonder zijn – een mirakel dat discipelen van de Heer tot evenveel verbazing stemt als destijds in Kana, en het leidt tot heerlijk heldere hemelwijn.
Dan nu over Monique Samuel en haar boek. Uitgegeven door mijn zeer gewaardeerde vriend Paul Abspoel. Laat ik zeggen: chapeau, Paul! Je hebt veel meer lef dan ik. Als mens, en misschien ook wel als (s)preker, durf ik wel wat postmoderne deuren en vensters te openen, maar als uitgever merk ik toch dat ik het liefst binnen veilige muren blijf. Paul loopt graag een eindweegs samen op met jongere mensen die een stuk vrijmoediger denken dan baby-boomers op het christelijke erf. Vaak, vermoed ik, terwijl hij het niet in alles met hen eens is, maar dat hoeft dan ook niet.
Het boekje van Monique heb ik gelezen als voorbereiding voor een radio-discussie in het programma DEZE WEEK. In ruim een kwartier radio kun je niet zoveel kwijt. Het ‘preuvement’ kan ik in deze blog iets meer voortzetten.
Waarom smaakte de wijn van MS me nog niet echt? Omdat ze niet helder is, misschien? Het is heel moeilijk het voor honderd procent met haar eens te zijn, want ze is het gewoon vaak niet met zichzelf eens: ik lees veel inconsequenties (die ik hier niet ga uitwerken). Misschien omdat ze nog steeds zichzelf tegenover de tien geboden stelt, zoals ze dat deed in het Trouw-interview waarop haar boekje gebaseerd is. Misschien ook wel omdat ze een paar updates naar 2.0 heeft gemist (zoals Matthijs Driebergen in dezelfde krant oppert), maar dat hang van je definiëring van het christendom af – ik kan me wel heel wat voorstellen bij de negatieve ervaringen die Monique bij de evangelische variant daarvan heeft beleefd.
Is het, denk ik, misschien haar radicale keuze voor de vrijheid om lesbienne te zijn? Voor sommige (misschien zelfs vele) christenen is dat gewoon het eind. Voor hen is homoseksualiteit hoogstens acceptabel in drooggekookte vorm, maar niet als er in welke vorm dan ook homoseksuele praktijk bij hoort. En zeker als het leidt tot overspel en echtscheiding: dan springen alle lichten op rood. Ik heb de sterke neiging om het met hen eens te zijn, maar ik houd me in.
Want er is een diepere vraag te stellen: welke lijnen en grenzen en muren zou onze Heer in deze tijd beslist níet accepteren? What Would Jesus Deconstruct, WWJD (zoals John D. Caputto de vraag scherp stelt) – wat zou Hij ook weigeren goed te keuren als verdedigingslinies voor een orthodox christendom? In het beeld van Johannes 2: de wijn – maar dat was niet eens nodig, want de oude wijn was gewoon op.
Deconstructie is nodig. En dat doet pijn. Maar het moet. En toch moet het ook voorzichtig gebeuren. De triomferende eureka-roep van Monique Samuel omdat ze nu de vrijheid heeft gevonden, is weer gebaseerd op een ethisch standpunt, weliswaar stevig in strijd met andere en vroegere standpunten, maar toch weer passend bij de oude wijn, het ‘moderne’ denken. De oude wijn is echt op. Je wordt er niet vrolijk van. Je kunt er zelfs geen druppel meer van drinken.
Wie is er bang voor postmodernisme? – zoals J.K.A. Smith ons vraagt. Het antwoord is: wij allemaal, de één wat meer dan de ander, maar de meesten onder ons durven nauwelijks het gesprek aan met dit ingrijpend andere wereldbeeld (weinigen als Smith, Raschke, McLaren, Michener enzovoorts uitgezonderd). Waar we het van moeten hebben: een wonder van de Heer. Geloof dat alleen maar gericht is op Hem, en niet op onze eigen standpunten.
Van mij mag Monique Samuel nóg wel eens een dagboek publiceren. Ik zal het er vast niet helemaal mee eens zijn, haar uitgever misschien eerst nog een beetje, maar zijzelf al gauw óók niet meer. Wie weet kunnen we van dagboek tot dagboek verder komen.

december 13, 2012

Daarheen en weer terug: THE HOBBIT – the movie

Filed under: Uncategorized — Tags: — henkmedema @ 4:55 pm

De Hobbit en Midden-Aarde
[no spoilers]

Op 12.12.12 ging de film in premiere, en trok meteen volle zalen: The Hobbit: An Unexpected Journey van Peter Jackson. Snel nog even het boekje herlezen, uit de dertiger jaren van de vorige eeuw. Als je er nog eens kennis van neemt, denk je: een feel-good boek voor kinderen, met weliswaar ook veel spanning, maar met een goede afloop. En de kenners weten natuurlijk dat dit een soort proloog is van LORD OF THE RINGS, later in drie delen verschenen.
De film is anders. Weliswaar is Bilbo Baggins, de hobbit, de hoofdfiguur, maar het gaat in strikte zin niet over hém. Peter Jackson toont ons een beeld van Midden-Aarde, met gebruikmaking van allerlei fragmenten uit latere geschriften van Tolkien. Dit is niet het gesloten verhaal, maar de wijde wereld. De Necromancer bestaat, Sauron. Er wordt gesproken over Mordor en MInas Morgul en Angmar en we krijgen iets van Smaug te zien – terwijl hij pas in de vervolgdelen echt in het verhaal zal komen. Niet alleen dat de Ring wordt gevonden, maar ook dat ze een object van begeerte en van macht blijkt te zijn, als de camera rechtstreeks gericht is op de ogen van Gollum. Een belangrijke rol speelt Gandalf, maar hij niet alleen. ‘Als je de regen wilt laten ophouden, zoek dan maar een andere tovenaar!’ horen we hem zeggen. De verbaasde vraag is: o, zijn die er dan? Inderdaad: Ragast de Bruine, Saruman, die ook hier al de mechanistische machtsdenker is van LOTR.
Natuurlijk zijn er ook hele stukken van de film overgenomen uit het boek, soms zelfs bijna letterlijk, soms uitgediept, zoals het begin bij Bilbo thuis met z’n onvrijwillige gastvrijheid en de vele disgenoten die daar gebruik van maken, of de dialoog van Bilbo met Gollum met alle raadsels. De kijker raakt gefascineerd door de special effects, die (vind ik) soms zelfs overdone zijn en de aandacht afleiden. Maar de lezer is meer dan een kijker, en herinnert zich welke grote thema’s Tolkien in LOTR aanroerde: het kwaad, de macht, het verlangen. Waar zit het kwaad? – een uitspraak van Gandalf: het enige slechte is niet wat buiten je staat, maar dat wat je van jezelf meebrengt.
Zouden de kijkers allemaal lezers zijn? Waarschijnlijk niet, en dan nóg zullen ze het christelijke geloof, bij Tolkien zonder twijfel de achtergrond van allerlei verhaallijnen, niet herkennen. Zelfs niet als ‘geloof’ zo uitdrukkelijk wordt gethematiseerd wanneer Bilbo, onzichtbaar geworden door de Ring, in een smalle bergkloof voorbij Gollum moet, en niet durft . Om dan tenslotte toch de sprong te wagen, en te merken dat de onzichtbare wereld hem veilig beschermt tegen de gevaren van de zichtbare wereld.
Het is ook terecht dat niet alles doorzichtig is, want Midden-Aarde is naar het inzicht van de auteur geen allegorie. Thorin bijvoorbeeld, de koningszoon die de expeditie leidt, ziet er koninklijk uit, en in de film wordt hij afgebeeld zoals de christelijke traditie Jezus visualiseert – maar hij is zeker geen messias, zoals de kijker vanzelf zal merken. Een Aragorn is hij niet (en zelfs dan…) Het spreekt wel vanzelf: nergens wordt God bij name genoemd. Maar achter de zichtbare dingen is er MEER.
Er zit in deze film genoeg wat je aan het denken zet – als je je maar niet tezeer concentreert op het lawaai en het geweld van de angstwekkende machten. Een magische wereld, die van alle kanten onverwacht door boze én goede machten kan worden bewogen.

december 9, 2012

DE HOBBIT: vóór de film

Filed under: Uncategorized — henkmedema @ 7:45 pm

Twaalf twaalf twaalf: de twaalfde december 2012 – dag van de Nederlandse premiere van The Hobbit: An Unexpected Journey (Peter Jackson). De ongeziene film en de trailer ervan wekt mijn bijzondere nieuwsgierigheid, want natuurlijk is het boek overbekend. Zou de producent er weer, net als bij In de Ban van de Ring, weer in slagen dicht bij het boeiende origineel van J.R.R. Tolkien te komen?

Ik heb er nog niets over te vertellen, en daarom doe ik dat ook niet. Maar wel iets over de kern van het verhaal. ‘Daarheen en weer terug’ – zoals de ondertitel van het boek luidt – begint met de beroemde aanvangsregel: ‘In een hol onder de grond woonde een hobbit’. En dan gaat Bilbo Balings een avontuur beleven waarvan … Nou, als je het boek leest of de film bekijkt, zul je zien wat hij er aan over heeft gehouden.

Eén ding vertel ik al wel: er is MEER. De wereld is niet wat je denkt dat ze is. Tolkien brengt ons naar een opnieuw betoverde wereld. De pre-moderne wereld wás dat: betoverd, vol met engelen, goden, machten in de hemel, en vol met kabouters, trollen, elfen op aarde. De moderne wereld, waarvan Tolkien de atmosfeer opsnoof in de twintigste eeuw, was berekenbaar, onder controle van de wetenschap, en er was niets wat er niet was. Maar opnieuw betoverd wordt de post-moderne wereld (een term die Tolkien vermoedelijk nooit heeft gehoord): in zijn verhalen, ook in dat van de Hobbit, brengt de auteur ons in een wereld die voortdurend verrast en tot verwondering brengt. Er is een veel grotere kosmos achter het universum dat wij kunnen waarnemen. De naam van God hoor je niet, maar dat er niets en niemand MEER zou zijn, dat kun je steeds minder geloven.

Bilbo wordt door Gandalf op weg gestuurd om een schat te ontroven aan een draak. De dwergen erkennen Bilbo, die eigenlijk is ‘ingehuurd’ als inbreker, steeds meer als hun leider, om drie redenen: (1) hij is slim, (2) hij heeft een ring (dezélfde Ring, jazeker, afkomstig van Gollum! – maar nog niet een voorwerp van macht en begeerte), en (3) hij heeft geluk. Maar: is slimheid echt een overwinnende factor? En wat is de rol van de Ring? Tenslotte: kun je geluk ‘hebben’?

Er gaat veel gebeuren in The Hobbit. Het eerste deel ga ik spoedig bekijken – en dan hoor je op deze plek MEER.

 

 

 

Blog op WordPress.com.