Oude! Weblog van Henk Medema

november 29, 2011

Schriftonderzoek en spiritualiteit

Filed under: Uncategorized — henkmedema @ 5:46 am

Hoe doe je dat: Schriftstudie? Je krijgt het Woord van God onder ogen, geschreven voor jou – en je hebt een pen en papier of een digitaal bestand voor je. Hoe voelt dat? Wat moet je doen, en hoe kun je er (niet alleen, maar ook) samen mee omgaan?

 

1. HET GEZAG

Het gezag van de Schrift is niet het gezag van blauwe uniformen op straat, die je op de bon slingeren als je iets niet goed doet. Het is de eerbiedige, vrolijke onderworpenheid van de ontvanger van liefde, die we allemaal het beste kennen uit menselijke verhoudingen op hun mooist: ouders tot kinderen en andersom, echtgenoten jegens elkaar. Tegelijk is het een veel sterkere autoriteit dan welke formele regelgeving ook.

 

2. DE THEOLOGIE

Schriftstudie wordt verzuurd, bedorven, als je dogmatische theologie als parameter gebruikt – en daar zeg ik bepaald niet mee dat je geen theologie nodig hebt. Maar wie de leer óver de Schrift voortdurend toestaat door het spreken van God heen te kwebbelen, zal nooit ongestoord en onbevangen kunnen luisteren. God is groter dan de beste theologische verpakking die wij mensen aan bijbelwoorden kunnen meegeven.

 

3. DE KRACHT

De Schrift is het gezaghebbende verhaal van God. Zij komt tot ons, in óns verhaal, en de Geest nodigt ons uit ons verhaal te laten opnemen in Gods verhaal. Elke levensveranderende vorm van bijbelstudie brengt alleen levens in verandering op basis van deze verhalende (narratieve) kracht van het Woord.

 

4. HET LEVEN

Het voorgaande klinkt allemaal nogal abstract. Schriftstudie raakt onszelf en door ons anderen als zij zich niet op een afstand houdt van onze prachtige en verschrikkelijke ervaringen, maar wordt toegespitst op crises en uitdagingen van het leven. Alleen als we het raakpunt tussen die beiden kunnen vinden, gebeurt er echt iets met ons hart (het centrum van heel ons bestaan) vanuit Gods hart.

 

5. HET VERLANGEN

Schriftstudie kan niet bedoeld zijn om tot een rustgevende, bevredigende verklaring van alle dingen te komen, waardoor alles in de juiste vakjes ‘op orde’ komt, alles wordt ingedeeld in goed en kwaad waarmee wij dan wel raad weten. Schriftstudie is niet de vrucht van de boom van de kennis van goed en kwaad, maar is geworteld in het verlangen naar eindeloos eeuwigheidsleven.

 

En daarmee zeggen we het laatste, beslissende: echte, goede studie van de Schriften is komen tot Jezus, van Wie zij getuigen. [Jh5:39]

Advertenties

november 10, 2011

Steve Jobs – een recensie waarin ik mezelf tegen kom

Filed under: Uncategorized — henkmedema @ 8:56 pm

DE biografie van Steve Jobs is nú al verschenen, en is op Jobs’ eigen verzoek geschreven door Walter Isaacson, eerder biograaf van Albert Einstein, Benjamin Franklin en Henry Kissinger. Ik vond dat ik de bijna 700 bladzijden van de Nederlandse editie moest doorwerken. Niet alleen omdat ik sinds het prilste begin een Apple en daarna een Mac heb gehad. Vooral dit: ik heb een fascinatie voor dingen die blijkbaar hele mensenmassa’s fascineren, ik wil dat fenomeen begrijpen. Nu is het boek uit en de recensie klaar, en ik zie hoe ik eigenlijk mezelf recenseer. Dat komt heus niet alleen omdat de basis van het document dat ik nu op mijn MacBookPro vervaardig van een kladje uit m’n iPad komt en in de iCloud wordt bewaard. De biograaf beschreef Jobs leven en ‘recenseerde’ hem, maar de confrontatie met de hoofdpersoon liet me mezelf zien. Straks meer.

Het is nog niet zo lang geleden, en bij velen staat het beeld nog op het netvlies: op 27 januari 2010 presenteerde een broodmagere Steve Jobs in spijkerbroek en zwarte coltrui het ontwerp van de iPad in San Francisco. Op dat moment leed hij al aan de kanker waaraan hij anderhalf jaar later zou overlijden. De journalist van The Economist gaf er een religieuze invulling aan, en sprak over The Jesus Tablet.

Steve Jobs was opgevoed in een christelijk pleeggezin. Als 13-jarige scholier liet hij aan zijn onderwijzer een plaatje zien van een stervend Afrikaans kind, en ondervroeg hem over Gods almacht en alwetendheid. ‘God weet daarvan’ , antwoordde de dominee. Steve wilde van zo n God niks weten en besloot nooit meer naar de kerk te gaan (34v).

Dat betekent bepaald niet dat Jobs a-religieus was; hij was in sterke mate gedompeld in oosterse godsdiensten. Hij heeft de Autobiography of a Yogi elk jaar eenmaal gelezen, en toen Isaacson hem in 2011 vroeg wat hij op z’n iPad2 had gezet bij één van z’n laatste reizen, was het dat boek (629). Zijn filosofie was samen te vatten in een gedicht van Richard Brautigam, All Watched Over By Machines Of Loving Grace (83). Het is inderdaad frappant: de generatie van de tegencultuur van de jaren zestig, de discipelen van Timothy Leary, bouwde de pc-industrie. En Jobs liet zich daarbij leiden door het beginsel van eenvoud (412), minder maar beter. De computers, laptops, ipods en tablets die hij in de wereld achter liet, waren gekenmerkt door een gesloten systeem, een onderwerp waarover hij tegen het einde van z’n leven nog een gedachtenwisseling had met die andere oude whiz-kid, Bill Gates (610). De mensen, zo redeneerde Steve Jobs, hadden er geen behoefte aan om te weten wat er allemaal in de systemen van die intelligente apparaten zat. Ze wilden ze alleen maar met één klik kunnen aanzetten, en intuïtief hun weg vinden in een nog onbetreden terrein, in een totaal nieuwe wereld.

‘De reis is de beloning’ was een centrale lijfspreuk van Steve Jobs (180), en hij citeert dat als een koan, een zen-raadsel. Het is wat wij een paradox noemen, iets wat eigenlijk niet kán, maar toch waar moet zijn. Je zou het zó maar kunnen overnemen als een christelijke paradox, lijkend op de woorden van Jezus in Johannes 14 vers 6. Jezus, de weg én het einde van de weg, omdat Hijzelf de woonplaats van de Vader is, en voor ons plaats maakt.

En de waarheid, dat is Jezus óók.

Een centraal deel in deze biografie van Steve Jobs wordt ingenomen door een beschouwing over het zogenoemde reality distortion field van Jobs (150vv). Dwars door het hele boek zie je telkens weer hetzelfde verbazende gebeuren: hoe Steve steeds zijn eigen ‘magnetische veld’ van waarheid en onwaarheid schiep, en bijna iedereen in zijn omgeving daarin mee wist te trekken. Het bepaalde de enorme invloed die hij op mensen had, de positieve krachten én de manipulatie in de door hemzelf gekozen richting.

De waarheid en de werkelijkheid: verwrongen. De weg die hij zélf ging, de wereld die hijzelf ontwierp, in de verwachting dat als hij iets geloofde, het ook waar was. Als je innerlijke waarheid is dat je geen kanker hebt, dan héb je ook geen kanker. Jobs bleek wél kanker te hebben, en nu is zijn leven tot een einde gekomen.

Steve Jobs was een indrukwekkend mens, die heel veel in deze wereld van ons heeft kunnen veranderen. Maar als ik hem in de ogen kijk, in die strakke blik die hij zichzelf had aangeleerd om er mensen mee in de war te brengen, dan zie ik mezelf. En recenseer ik mezelf: als iemand die zo vaak z’n eigen ik heeft willen ontwerpen. Als iemand die niet alleen zelf een uitgebreid reality distortion field kent, maar de neiging heeft er anderen in mee te trekken.

Ik recenseer mezelf. Ik huiver. En dan kijk ik naar Jezus: de weg, de waarheid, het leven. En ik weet hoe ik nooit meer één seconde buiten Hem kan.

Dank, Steve, voor je Apple, Mac, iPod, iPad. Dank vooral dat je me dit geleerd hebt – door de achteruitkijkspiegel.

november 6, 2011

Gods missie IS Gods kerk

Filed under: Uncategorized — henkmedema @ 9:25 pm

DE BIJBELSE MISSIE:

GODS OPRACHT VOOR ZIJN KINDEREN

 

Gistermorgen, mijn gewoonte getrouw, vatte ik weer binnen één tweet (140 lettertekens) een vers uit het boek Openbaring samen. Het was Openbaring 1:10, en zó verklaarde ik dat vers – ‘Op de dag die van de Heer is, geraakte ik in de Geest, en hoorde achter mij, zonder iets te zien, een geweldig sterke Stem’. Een stem achter je, zonder iets te zien. Gods heerlijkheid zie je alleen als je áchterom kijkt, kreeg ook Mozes op de Sinaï te horen. Later dit weekend, het boek van Chris Wright herlezend, had ik sterk dat gevoel: een stem achter me.

Ik had dr. Christopher Wright nooit persoonlijk ontmoet, wel intussen zijn (nog volumineuzer) boek THE MISSION OF GOD gelezen. Ongeveer een jaar geleden mocht ik hem begroeten tijdens het Derde Lausanne Congres voor Wereldevangelisatie in Kaapstad, en wat meer is: naar zijn prediking luisteren. Imponerend genoeg, trouwens: ik heb nog heel helder voor ogen hoe hij sprak over HIS people, en daaraan de trefwoorden koppelde Humility, Integrity, Simplicity koppelde. Een aantal van z’n warme en heldere inzichten zijn verwerkt in mijn boek TOTAAL CHRISTENDOM.

Nu is het boek DE BIJBELSE MISSIE in het Nederlands verschenen. En het mag er zijn: een monumentaal én dynamisch boek. Dat het een fors boek is, doet niets af van de scherpte, want de indeling brengt je telkens weer terug bij de focus. Het gaat om de vraag ‘wie zijn wij en waarom zijn wij op aarde?’ – en na veertien stevige hoofdstukken zegt hij: ‘En nu concreet’ – en eindigt met de weg tot nu toe en de weg die voor ons ligt.

Uit dat slothoofdstuk (alleen al daaruit) citeer ik een paar one-liners: ‘God heeft niet zozeer een missie voor zijn kerk, God heeft een kerk met het oog op zijn missie. Gods missie is ons bestaansrecht.’ En: ‘Een leven als afspiegeling van het karakter van God betekent even aantrekkelijk zijn als God Zelf.’ En: ‘Het zendingsbevel is geen draaiboek voor het einde van de wereld, maar een richtingaanwijzer naar de einden van de aarde’ – waaraan hij dan toevoegt: ‘De aarde heeft natuurlijk geen echte, fysieke einden: je straat of je stad hebben die wél.’

Dit is niet een handboek voor missiologie, dan zou dit boek veel droger geweest zijn. Het is een voortdurende, pulserende inzet voor de kern van het christendom, een pleidooi om het evangelie het evangelie te laten zijn.

Chris komt volgend jaar naar Nederland, om daar te spreken op een conferentie die door de Evangelische Alliantie wordt georganiseerd. Als directeur van Langham Partnership International ‘beheert’ hij de geestelijke erfenis van de onlangs overleden dr. John Stott. Ook daarin klinkt een stem achter ons, achter mij – met een herinnering aan Kaapstad, maar ook met het duidelijke besef dat de Heer hier tot ons (tot mij) spreekt. Als gewone discipel beveel ik het sterk ter lezing aan iedere volgeling van de Heer aan, en als lid van het Nederlandse Lausanne Comité voel ik me er opnieuw krachtig door aangesproken.

november 4, 2011

Hoopvol, grensverleggend

Filed under: Uncategorized — henkmedema @ 8:29 am
Vorige week was ik in Maastricht. Prachtige stad! Smalle steegjes, stijlvolle oude gebouwen, de brede Maas, en natuurlijk het Vrijthof, zelfs tegen het invallen van de winter nog een zomerse plaats. Prachtige mensen ook. Niet dat ik alle honderdtwintigduizend inwoners heb gesproken, maar een paar van hen wél, en in hen zag ik het licht van Jezus stralen.
We zaten met een paar mensen in een cafétje in Wittevrouwenveld, zochten wat mensen in de wijk op – waaruit weer bleek dat een hond een prima evangelisatiemiddel is: als je ‘m uitlaat kom je nog eens met mensen in contact! – en hoorden wat Jezus voor hen betekende. We ondervroegen elkaar, droomden van een visie, zagen hoe de kerk haar eigen grenzen verlegd had en daarmee voortging, hoorden van moeilijke dingen en baden daarvoor. In Blauwdorp zagen we opnieuw hoe een laag-sociale wijk ook een laagdrempelige plek kan zijn voor het evangelie. Geduld, geloof, volharding, hoop. Een beetje onthutst over het mooie werk van de Heer reed ik aan het einde van de middag met m’n vrouw weer noordwaarts.

Grensverleggend, zo heet ook het nieuwe boek van Matthijs Vlaardingerbroek, over hoe de kerk opnieuw missionair kan zijn. Een hoopvol woord: je bent híer, en je gaat dáárheen. Je wordt omringd door grenzen, maar daar neem je geen genoegen mee, die wil je verplaatsen, verleggen. En als wij daarvoor open staan, gaat Gods Geest aan het werk: om Jezus groot te maken en mensen dichtbij Hem te brengen.

Hier. En daar. En ginds nóg een keer. Overal in ons land kom ik ze tegen, die experimenterende kleine gemeenschappen. In Deventer, Amsterdam, Leeuwarden, Maastricht, Assen, Apeldoorn. Total Church, Simple Church, NederlandZoekt, Bam-Boo, en nog veel meer. Overal verleggen ze de grenzen.
Gaat het overal alleen maar goed? Nee hoor. Doen ze allemaal precies hetzelfde? Zeker niet. De plekken zijn verschillend, de identiteit is anders, de grenzen nooit congruent. Maar het is ontzettend hoopvol om te zien wat God doet.

Deze week zaten we in Driebergen bij de Evangelische Alliantie het Ahawa-vasten (10-12 januari 2012) voor te bereiden, vanuit de boeken Ezra en Nehemia. Het is bij me gebleven, dat kernwoord in Nehemia 9 vers 32: ‘En nu, o God…’. Vreugdevol loofhuttenfeest vieren, anticiperen op het komende Koninkrijk. En óók: reflectie op een lange en vaak somber stemmende geschiedenis. En óók: een punt maken, vanaf nu, en vanuit God: een nieuw commitment voor de Heer.
Hoopvol. Grensverleggend.

november 2, 2011

Euro Pa – Met Mauro.

Filed under: Uncategorized — henkmedema @ 8:13 am

What ’s wrong with the world?

 

I am – zo luidde het beroemde antwoord op deze vraag, van de zwaarlijvige, scherpzinnige en helderdenkende auteur G.K. Chesterton. Ik lees hem graag. Terwijl mijn vrouw gebiologeerd naar Midsummer Murders kijkt, pak ik blijmoedig weer een simpel, en toch zo diepgravend verhaal op van Father Brown. De zwartgerokte geestelijke weet telkens weer diepe lessen uit de harmatiologie omhoog te brengen, wijs in het goede als hij is, onnozel in het kwade.

Wat is er mis met Europa? Veel. Crisis is een Grieks woord, en dat is ‘t probleem juist: omdat hun valuta ook die van ons is, gaat Europa voornamelijk over de eerste beide lettergrepen. Van pa is niets meer te merken in het samenwonen van de hebzuchtige én angstige kinderen van ons continent.

De landen worden intussen wel allemaal gepersonifiëerd. Hoe stel je dat voor: dat Griekenland failliet gaat? Een beetje te vergelijken met de manier waarop een eeuw geleden over Turkije werd gesproken, als ‘de zieke man van Europa’? De metafoor is niet logisch door te trekken: omdat ieder mens een tweevoeter is, zijn vijfhonderd man daarom nog niet een duizendpoot (weer Chesterton).

Als deze column in druk verschijnt, weten we misschien iets meer van die crisis. Nu zitten we nog met z’n allen te zoeken naar een diagnose. Terwijl – nóg een keer Chesterton – je in sommige gevallen niet moet beginnen met een diagnose, maar veel simpeler: met een genezing. Niemand zegt: ik ben deze hoofdpijn zat, ik wil wel eens een beetje lekkere kiespijn hebben. Zo is het bij mensen: je wilt genezing. Niets anders. Want verandering zonder genezing is iets anders, en niets meer, niets beters.

Europa zou niet moeten bestaan uit economische eenheden. Hebzuchtig: je wilt toch minstens hetzelfde hebben als de buren! Angstig: stel je voor wat er met óns gebeurt als het huis van de buren omvalt.

Hoe kunnen – deze keer een citaat waar C.S. Lewis gebruik van maakte) de goden ons ooit in de ogen kijken als we zélf ons ware ik verstoppen? How can they meet us face to face till we have faces?

Hoe kunnen we God in de ogen zien, als we zelf niet eens mensen durven te zijn?

Toen onze zonen nog in de puberteit zaten (je had toen nog guldens en knaken), hadden ze ‘t wel eens oneerbiedig over een knaken-pa. Nu heb je de euro. Euro pa is niet echt beter.
PS: hoe zelfs NL geen pa voor een enkele Mauro durft te zijn, zien we momenteel vóór ons…

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.